De onsamenhangendheid van Francisco van Jole
Vanochtend las ik in de Volkskrant een stuk van Francisco van Jole: "De Leegte van Links". Van Jole is druk bezig om de nieuwe opinieleider van links Nederlands te worden, dankzij zijn site joop.nl, waarop allerlei linkse opiniemakers bloggen. Het stuk is een reden om ons grote zorgen te maken over de toekomst van links, niet vanwege de leegte van links, die Van Jole observeert, maar vanwege de onsamenhangendheid van Van Jole's betoog.
De conclusie van Van Jole is: "idealen zijn bij progressieve partijen naar de achtergrond verdwenen." De argumentatie om daar te komen is vrij opmerkelijk.
Zo vertelt hij over een bijeenkomst van de PvdA waar Wouter Bos een vraag krijgt van een kritisch PvdA lid. Bos reageert gloedvol: "[d]e zaal hing aan zijn lippen. Niet omdat het spannend werd vanwege een conflict maar omdat Bos met passie idealen uitdroeg." Vervolgens schrijft Van Jole: "Dat is het probleem van de politiek op dit moment. Er worden geen idealen meer uitgedragen." Van Jole net heeft laten zien hoe het belangrijkste gezicht van linkse politiek op dit moment, de vice-premier, vol met idealen het debat aan gaat binnen zijn partij. Ik zie niet hoe je daaruit kan stellen dat idealen niet meer worden uitgedragen door politici. Daarnaast vind ik het absurd om te stellen dater een probleem van de politiek is. Daarmee ontken je de complexiteit van de samenleving.
Vervolgens stelt Van Hole dat "Wilders revolutionair is." En dat er van dat revolutionaire "een enorme aantrekkingskracht" uitgaat omdat het "dromen en daadkracht" combineert. In mijn ogen is Wilders geen idealist. Hij houdt volk geen ideale samenleving voor, maar alleen maar waarschuwingen over wat er gaat gebeuren en nachtmerries over wat er kan gebeuren. Wilders is tegen: tegen islamisering, tegen hervorming van de verzorgingsstaat, tegen klimaatbeleid. Hij heeft geen gloedvol betoog over waar Nederland naar toe moet, alleen maar een verhaal over wat er niet moet gebeuren. Dat trekt geen mensen aan die willen dromen, maar mensen die bang zijn voor nachtmerries.
Ook verwijt Van Jole D66 een gebrek aan idealisme. Zij zijn alleen maar anti-Wilders, hebben geen eigen agenda. Dat is vanwege twee redenen opmerkelijk: ten eerste omdat Pechtold net vorig weekend op zijn partijcongres uiteen heeft gezet wat de visie van D66 is op de toekomst van de Nederlandse samenleving met vijf stippen aan de horizon. Ook de Europese campagne van de partij was zeer idealistisch, met een verhaal over Nederland als open land in Europa. Daarmee breekt Pechtold overigens met een van de tradities van D66: een traditie van pragmatisme, juist van praktische politiek zonder verouderde ideologieen. Dus wat Van Jole zoekt kan hij zeker bij D66 vinden, alhoewel hij het daar niet eens zou moeten zoeken.
Dan vertelt Van Jole over jonge, hoogopgeleide mensen die hij sprak in verband met zijn "progressieve" opinie pagina Joop. Deze mensen wisten volgens Van Jole niet wat "progressief" inhield. Als hij doorvroeg koppelde ze dat begrip eerder aan Fortuyn dan de PvdA. De PvdA was maar conservatief. Volgens Van Jole was dat niet raar twintigers waren gevormd in een tijd "waarin alles wat progressief is in het defensief is gedrongen." Ik zou het begrip "progressief" niet snel gebruiken, omdat het zo onduidelijk is. Iedere partij wil het goede behouden ("conservatief") en het slechte hervormen ("progressief"). Echter links en rechts, Christelijk en seculier, patriotisch en kosmopolitisch verschillen van opvatting wat nu eigenlijk het goede en het slechte is. In die zin hebben deze twintigers gelijk: de PvdA is een conservatieve partij. Die heeft in de laatste zestig jaar wat opgebouwd in Nederland, dingen bereikt voor de mensen, gewerkt aan een sociaal en divers land, en dat willen ze nu behouden. Misschien is dat wel conservatief. En dan zijn Fortuyn en Wilders, die veranderingen willen als een hoofddoekjestaks, een immigratiestop en een burkaverbod, progressief. Dat is een probleem voor mensen die het etiket "progressief" willen gebruiken, zoals Van Jole, maar voor linkse mensen die zonder dat etiket door kunnen, zie ik geen probleem.
Ten slotte komt Van Jole te spreken over GroenLinks. Enerzijds zegt hij dat hij "spontaan vrolijk" werd van een one-liner van Halsema dat Wouter Bos premier van Nederland moest worden. Dat was het type idealisme waar hij naar op zoek was. Maar vervolgens verweet hij GroenLinks dat ze toe hadden gelaten dat de Partij voor de Dieren opkwam, omdat GroenLinks "het ideaal van een diervriendelijke samenleving niet benadrukte[,] geen onrealistische eisen stelde." Sterker nog bij GroenLinks vinden ze "de Partij voor de Dieren vast onrealistisch." Mijn probleem zit hem in dat woord "vast". Van Jole heeft niet als een echte journalist even hoor-en-wederhoor toegepast en gevraagd hoe GroenLinks over de Partij voor de Dieren denkt. Als lid van de GeenStijl-generatie heeft hij zijn mening al weer klaar. GroenLinks vindt de Partij voor de Dieren "vast" niets, dat volgt naadloos uit zijn voorgaande argumenatie: die partij van Halsema zit vol met vrolijke idealisten, die echter idealisme missen. Begrijpt u het nog?
De conclusie van Van Jole is dus omdat Bos hem inspireert met een gloedvol betoog, Halsema hem spontaan vrolijk maakt met haar idealistische one-liners, Pechtold allerlei stippen aan de horizon ziet, dat "progressief Nederland" idealen mist. Roerend mee eens Francisco: Wilders heeft inderdaad geen droombeeld voor de toekomst. Hij biedt ons slechts een nachtmerrie. Voor idealen moeten we bij "conservatieve" partijen als GroenLinks, D66 en de PvdA zijn.












